7 nr. 1 Januari 2026 Column In elk nummer van RenovatieTotaal geeft dr.ir. Haico van Nunen zijn mening over een aspect van ‘de renovatiewereld’. Haico van Nunen is adviseur bij BouwhulpGroep en lector Duurzame Renovatie bij het kenniscentrum Duurzame HavenStad van Hogeschool Rotterdam. Sci-fi wordt realiteit – nog maar 25 jaar te gaan Het jaar 2025 zit er weer op. Tegen de tijd dat deze column gepubliceerd wordt zijn de eerste weken van 2026 alweer voorbij. De start van dit jaar betekent ook dat 2050 weer een stukje dichterbij is gekomen. Waar 2050 bij het opstellen van het Parijsakkoord in 2015 nog ver in de toekomst lag, en daarom bijna sciencefiction leek, hebben we nu nog slechts 25 jaar te gaan. Na 10 jaar warming up is het nu tijd voor het startschot! We hebben nog 25 jaar om ruim 8 miljoen bestaande woningen energetisch naar een hoog niveau te brengen. Op dit moment beginnen we de gevolgen te merken van tien jaar letterlijke ‘warming up’. De weerextremen worden steeds heftiger. Hete zomers, heftige regenval, grote temperatuurschommelingen. Onze woningen moeten nogal wat aankunnen. Natuurlijk hebben we ook nog steeds een woningtekort, dus we moeten nieuwe woonruimte blijven realiseren. De prijs van een hoogwaardige renovatie begint problematisch te worden. Op dit moment lopen de kosten bij corporatierenovaties al snel richting (of zelfs boven) de € 100.000. Daarmee wordt natuurlijk een kwalitatief betere woning gecreëerd, maar dit soort bedragen zijn voor de lange termijn niet houdbaar. En de gemiddelde particuliere huiseigenaar slaat hiervan steil achterover, terwijl juist bij deze groep de grootste opgave ligt. De meesten hebben dit bedrag niet op de plank liggen, en zie maar eens een aanvullende hypotheek te krijgen. De renovatiepraktijk moet daarom beter. We renoveren nog steeds op dezelfde manier als jaren geleden. En ja, er wordt geëxperimenteerd met bouwstromen en renovatieconcepten. Maar het gevaar schuilt erin dat deze oplossingen álle problemen willen afdekken. Daarmee worden ze onnodig complex en duur, en gaan ze aan hun eigen inventiviteit ten onder. De wijze waarop we de sector georganiseerd hebben helpt hier niet bij. De renovatiesector vergt relatief veel arbeid. En juist die arbeid is waarvoor de aannemer het meest betaald krijgt. Met een slimme oplossing die arbeid bespaart raak je dus hun verdienmodel. Minder uren betekent minder omzet. Ik denk dat we op basis van de herhaling binnen de woningvoorraad renovatieoplossingen als een bouwpakket klaar kunnen maken, net als de Billy boekenkast. Alleen vraagt het in elkaar zetten van deze pakketjes meer dan een papieren beschrijving. Daar is vakmanschap voor nodig om te zorgen dat de op voorhand bedachte kwaliteit ook daadwerkelijk gerealiseerd wordt. Iedereen die weleens de resultaten van een luchtdichtheidsmeting heeft gezien, zal dit erkennen! Als de industrie zich gaat toeleggen op het ontwikkelen van de oplossingen en de aannemers zich meer gaan richten op de uitvoering daarvan, dan is degene die daar het meest van profiteert de consument. Die kan namelijk zelf een passend renovatieproduct kiezen, het pakket laten leveren en vervolgens professioneel laten monteren. Alleen zo kunnen we het benodigde tempo bereiken om in de 25 jaar die ons rest de woningvoorraad naar het juiste niveau te brengen! Vuurtoren Lange Jaap in Den Helder wordt gerenoveerd De monumentale vuurtoren De Lange Jaap die net ten noorden van Fort Kijkduin staat in Huisduinen, nabij Den Helder, wordt gerenoveerd en gestabiliseerd, zo is in december besloten door de minister van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het besluit is genomen op basis van nauwkeurig onderzoek door Rijkswaterstaat, Movares en Strukton. Daarmee gaat de vuurtoren een nieuwe fase in, waarin wordt toegewerkt naar het herstel. In 2025 is onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van het scenario renoveren en stabiliseren. In dit scenario wordt de vuurtoren zoveel mogelijk origineel gehouden door de beschadigde constructie te repareren en waar nodig constructieve elementen toe te voegen. Hierbij wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van het bestaande materiaal. Om de haalbaarheid van het scenario te verkennen, is onder meer onderzoek gedaan naar materialen en constructies Proeven op bestaande fragmenten bevestigen dat het materiaal zich gedraagt zoals verwacht bij historisch grijs gietijzer. De hiermee vastgestelde rekenwaarden worden gebruikt in de constructieberekeningen. Het historische ijzercement is succesvol gereproduceerd. Daarmee is herstel van de voegen mogelijk. Een windtunnelonderzoek levert realistischere data op dan normberekeningen en geeft beter inzicht in het gedrag van de toren bij zware wind. Nieuwe temperatuurgegevens leiden tot nauwkeurigere berekeningen van thermische spanningen. De fundering blijkt in betere staat dan verwacht en voldoet momenteel, al wordt nader onderzocht welke maatregelen nodig zijn om toekomstig verval te beperken. Daarmee is onderzoek gedaan naar het belangrijkste vraagstuk uit de studiefase: of de constructie te herstellen zou zijn. Ook zijn de eerste resultaten voor metal stitching, de beoogde methode om scheuren te herstellen, positief. Daarnaast zijn realistische opties beschikbaar voor duurzaam conserveren van het gietijzer. Het gekozen scenario gaat uit van herstel van de bestaande constructie. Beschadigde onderdelen worden gerepareerd en waar nodig worden constructieve elementen toegevoegd. Daarbij blijft de historische bouwmethode zoveel mogelijk behouden en wordt aangesloten bij de monumentale waarde van de toren. Twee andere gietijzeren vuurtorens Naast de vuurtoren Lange Jaap zijn er nog twee gietijzeren vuurtorens in beheer bij Rijkswaterstaat, namelijk de vuurtorens op Scheveningen en Westkapelle Laag. Deze twee vuurtorens zijn op dezelfde wijze gebouwd en kennen, in mindere mate, vergelijkbare problematiek als de vuurtoren Lange Jaap. De ervaring die opgedaan wordt bij het ontwerpen van de vuurtoren Lange Jaap, wordt meegenomen bij de beslissing om de twee andere gietijzeren vuurtorens zo mogelijk parallel of aansluitend te laten renoveren. Het is nog niet bekend wanneer dit gaat gebeuren of in welke volgorde. Bron: Rijkswaterstaat
RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=